Wat is vaktherapie?
  1. Home

Gedragsproblemen

Wat zijn gedragsproblemen?

Ieder mens wordt wel eens flink boos. Ook een keer agressief reageren, wil nog niet zeggen dat iemand probleemgedrag vertoont. We spreken van gedragsproblemen als iemand een langdurig patroon laat zien van negatief, opstandig of driftig gedrag of gedrag dat tegen de normen ingaat, zoals vechten, stelen en liegen.

Een gedragsprobleem is iets anders dan een gedragsstoornis. Een gedragsstoornis is aangeboren en niet te genezen: iemand vertoont gedrag dat voortkomt uit een aandoening, zoals autisme, ADHD of een persoonlijkheidsstoornis. Gedragsproblemen zijn niet aangeboren, maar worden veroorzaakt door de omstandigheden. Mogelijke oorzaken voor gedragsproblemen zijn een niet-stabiele opvoeding of het meemaken van ingrijpende gebeurtenissen zoals geweld of seksueel misbruik. Gedragsproblemen kunnen voorkomen bij kinderen en bij volwassenen.
 

Gevolgen voor dagelijks functioneren

Een kind of volwassene met gedragsproblemen heeft hier in het dagelijks leven veel last van, net als de omgeving. Er ontstaan snel conflicten en sociale contacten zullen achteruitgaan.

Door de negatieve en opstandige houding wordt het lastiger om taken op school, studie of werk op een aangename manier uit te voeren, omdat iemand bijvoorbeeld moeite heeft met verplichtingen of met autoriteit. Ook kan iemand gevoeliger zijn voor verslavingen aan bijvoorbeeld alcohol, drugs of gokken. Volwassenen kunnen in aanraking komen met politie en justitie door het overtreden van de wet, agressie of diefstal. Kinderen komen soms terecht bij bureau HALT, de leerplichtambtenaar of jeugdinrichtingen.

Iemand met gedragsproblemen raakt snel in een negatieve spiraal. Het negatieve of opstandige gedrag roept veel onbegrip en woede op van de omgeving, waardoor ook het zelfvertrouwen en het zelfbeeld negatiever wordt. Als er niets gedaan wordt aan de onderliggende oorzaken van gedragsproblemen, kan iemand zich verharden en worden de problemen groter.
 

Vaktherapie bij gedragsproblemen

In vaktherapie staat niet het praten, maar het ervaren en handelen centraal. De vaktherapeut helpt je door middel van concrete opdrachten om van destructief naar constructief handelen over te gaan. Hierin kun je succeservaringen opdoen of word je juist geconfronteerd met jouw eigen gedrag. De praktische kant van vaktherapie helpt je hierbij. Wanneer je gaat timmeren, op de piano spelen of een spel gaat spelen dan zijn er altijd regels en een focus nodig. Als je in het wilde weg op de spijker slaat, raak je jouw duim. Noten worden muziek als ze op het juiste tempo worden gespeeld. En in spel kun je ervaren hoe het is om zelf de scheidsrechter te zijn en het team te leiden of geleid te worden door een ander.

Door te ontdekken dat je iets kunt afronden, iets constructiefs kunt maken en kunt samenwerken, zal je zelfbeeld ook veranderen. Met deze positieve ervaring durf je wellicht moeilijkere uitdagingen aan te gaan. Op deze manier kan de vicieuze cirkel worden doorbroken. Vanaf dat moment komt er ruimte om naar de onderliggende emotionele problemen te kijken. Deze kunnen zichtbaar of hoorbaar worden in de activiteit en op een gecontroleerde manier worden vormgegeven. Uiteindelijk kun je dit mogelijk ook verwoorden.
 

Behandeltraject en de werkwijze

Een behandeltraject kan individueel, in een groep of met het gezin zijn, afhankelijk van de ernst van de klachten.

De fasering van de therapie kenmerkt zich dikwijls in drie stappen:

  1. De motivatiefase. Het probleem wordt samen onderzocht. Wat zijn de voor- en nadelen van jouw gedrag? Dikwijls wordt er ook een veiligheidsplan opgesteld over hoe te handelen als de therapie confronterend wordt en boosheid of agressie oproept.  
  2. Met een aantal basisafspraken ga je met de vaktherapeut aan het werk. De aandacht zal worden gericht op de ervaring van de activiteit: wat doe je, wat roept deze activiteit bij jou op en wat doe je vervolgens? Door stil te staan bij gewenste en ongewenste resultaten van jouw gedrag, leer je om jouw eigen gedrag onder de loep te nemen en ontdek je dat je een keuze hebt in het handelen.
  3. In de laatste fase ga je steeds meer oefenen in het zelf structuur aanbrengen en de regie over jouw eigen handelen voeren.

Wanneer is vaktherapie niet geschikt voor je? Een psychose, ernstige verslaving of ernstige verwarring als gevolg van een posttraumatische stressstoornis (PTSS) zijn contra-indicaties voor vaktherapie.
 

Meer informatie

Herken je jezelf of jouw kind in het bovenstaande en wil je dat er nu iets aan gedaan wordt? Zoek dan hier een vaktherapeut in jouw buurt. Wil je weten of jouw zorgverzekering vaktherapie vergoedt, kijk dan hier.

Meer informatie over dit onderwerp vind je op deze website: http://www.nji.nl/Gedragsproblemen of kijk het filmpje op YouTube over 'Anders kijken naar lastig gedrag'. 

 

Praktische informatie

Wil je meer weten over vaktherapie?
Lees meer

Vaktherapie en jouw ziektekostenverzekering

Lees meer